Leergang Vervoerrecht

Over de leergang Vervoerrecht

De Leergang Vervoersrecht is een specialistische opleiding die kennis en inzicht verschaft over de juridische aspecten van het vervoerrecht en het zee- en binnenvaartrecht. Ben je jurist, maar heb je in jouw opleiding te weinig te maken gehad met vervoerrecht? Heb je geen juridische achtergrond, maar ben je actief in de vervoersector, logistiek of het verzekeringswezen en wordt je in uw werk regelmatig geconfronteerd met juridische aspecten, waarover je meer wil weten? Ben je op dagelijkse basis actief in het vervoerrecht, maar wil je je kennis over specialistische onderwerpen opfrissen, verdiepen of toetsen aan specialisten? Dan is de Leergang Vervoerrecht de juiste keuze.

De Leergang is modulair opgebouwd en biedt onder de noemer “Vervoerrecht Algemeen” een reeks van basis modules, waarin alle onderwerpen aan bod komen waar de vervoerrechtjurist vertrouwd mee moet zijn. Daarnaast biedt de Leergang onder de naam “Verdieping Zee- en binnenvaartrecht” ook een reeks van modules waarin wordt ingegaan op de juridische gevolgen van ongevallen met schepen. In aanvulling hierop kunnen deelnemers nog kiezen voor enkele specialistische modules voor specifieke onderwerpen.

Voor wie is deze leergang geschikt?

De leergang is gericht op wie in de vervoers- en rechtspraktijk met het vervoerrecht en het zee- en binnenvaartrecht te maken krijgt. Deelnemers aan de leergang hebben bij voorkeur een academische of HBO-opleidingsniveau, hebben enkele jaren werkervaring in juridische functies (advocatuur, rechterlijke macht, bedrijfsjurist, bank- of verzekeringswezen, overheid en wetenschap) of in de vervoerspraktijk (als claims behandelaar, expert enz.)

Programma

De in totaal 37 modules zijn verdeeld over achttien lesdagen volgens dit rooster. Er bestaat de mogelijkheid om mondeling tentamen te doen op donderdag 14 januari 2021 (basismodules) en op donderdag 9 september 2021 (basismodules, verdieping zee- en binnenvaartrecht of beide programma’s).

Klik hier voor een print-out versie van het hele programma.

DSC1517Frank Smeele-min

Prof. Mr. Frank Smeele

Academic Director

“Deze leergang biedt u de kans om uw kennis en begrip van het vervoerrecht te vergroten en op het peil te brengen/houden dat in de internationale (rechts-)praktijk gevraagd wordt. Ik verheug mij er op u bij een of meer van de modules te mogen begroeten.”

Kwantumkorting: 20% korting bij afname van een complete leergang of bij 20 modules of meer!

Modules

Het staat deelnemers in beginsel vrij om uit het aanbod de voor hen interessante modules te selecteren. Bij sommige modules geldt dat deze alleen in combinatie met een bepaalde andere module afgenomen kan worden. Deelnemers kunnen er uiteraard ook voor kiezen om het gehele programma “Vervoerrecht Algemeen” of “Verdieping Zee- en Binnenvaartrecht” of beide programma’s gezamenlijk te volgen, waarmee tevens een niet onbelangrijk prijs voordeel is te behalen.

Certificaat

Deelnemers kunnen naar keuze enkel de voor hen interessante modules volgen, of opteren voor een volledig pakket modules. Deelnemers die opteren voor een pakket modules kunnen dit desgewenst vervolledigen met huiswerk en een afsluitend examen, dat bij gunstig gevolg recht geeft op een Certificaat Leergang Vervoerrecht. Dit certificaat wordt verkregen nadat de 20 Basismodules zijn behaald. De opleiding wordt erkend door de Orde van Advocaten (NOVA) en elke module staat voor 3 opleidingspunten.

  • Basismodules
  • Verdieping zee- en binnenvaartrecht
  • Specialistische modules

Docent: Em. Prof. Mr. Krijn Haak
Datum: Donderdag 23 januari 2020 van 14.00 tot 17.15 uur

In deze inleidende module wordt ingegaan op de bronnen van het vervoerrecht, waarbij de relevante eenvormige vervoerrechtverdragen en hun verhouding tot Boek 8 BW aan de orde komen. Voorts worden de voornaamste vervoersrechtelijke begrippen uiteengezet, wordt de vervoerovereenkomst onderscheiden van nauw verwante overeenkomsten als opdracht, expeditie, bevrachting, en bewaarneming. Tot slot worden enkele hoofdbeginselen van het vervoerrecht, die in het vervolg van de leergang uitvoerig zullen worden belicht, reeds kort aangestipt.

Docent: Dr. Frank Stevens
Datum: Vrijdag 24 januari 2020 van 09.30 tot 12.45 uur

In deze module staan de diverse documenten die in het vervoerrecht gebruikt plegen te worden centraal. Aan de orde komen onder meer de vrachtbrief, het cognossement, het laat volgen briefje (delivery order), het CT-document, garantiebrieven (letters of indemnity) en de charterpartij. Stil wordt gestaan bij de bewijskracht van vervoersdocumenten en de functies die zij (kunnen) vervullen zoals ontvangstbewijs, bewijs van een contractuele verhouding, zakenrechtelijk waardepapier en legitimatiepapier.

Docent: Prof. Mr. Frank Smeele
Datum: Vrijdag 24 januari 2020 van 14.00 tot 17.15 uur

In de meeste gevallen ligt aan goederenvervoer een (vaak internationale) koopovereenkomst ten grondslag. Wanneer deze koopovereenkomst tevens elementen van vervoer, waardepapieren, verzekering en/of documentaire betaling regelt spreekt men wel van een handelskoop. In deze module wordt tegen de achtergrond van het Weens Koopverdrag/Nederlands recht en het Engelse recht stilgestaan bij gevolgen die de handels­koop heeft of kan hebben voor de afwikkeling van de vervoer-overeenkomst. Daarbij komen algemene leerstukken als eigendomsovergang, levering en risico aan de orde die bij de handelskoop anders kunnen uitpakken dan gewoonlijk. Voorts komt de bijzondere rol van handelsbedingen (Incoterms) aan de orde, de rechten van de koper indien de geleverde goederen niet beantwoorden aan de koopovereenkomst en klassieke probleemgebieden zoals de aanspraak van de FOB-verkoper op het cognossement.

Docent: Dr. Wouter Verheyen
Datum: Vrijdag 21 februari 2020 van 09.30 tot 12.45 uur

In deze module wordt ingegaan op toepasselijkheid en werkingssfeer van uniforme vervoerverdragen. Hierbij komen internationaalrechtelijke aspecten van toepasselijkheid van verdragen aan de orde, maar het belangrijkste luik betreft een analyse van de verdragsautonome werkingssfeer van de verdragen, d.w.z. de formele, materiële en temporele toepasselijkheid. Bij de materiële werkingssfeer gaat het om de rechtsverhoudingen die het verdrag regelt (bijv. stapelvervoer onder CMR en COTIF-CIM) of juist buitensluit (verhuizing en postvervoer onder CMR, deklading onder de Hague-Visby Rules). Van groeiend belang zijn hier de beperkingen die volgen uit uiteenlopende nationale rechtspraak, bijv. rond multimodaal en optioneel vervoer. Tevens wordt hier al vooruitgelopen op module 12 (multimodaal vervoer) ten aanzien van contaminatieschade. Voorts komen aan bod de contractuele toepasselijk verklaring van verdragen (clause paramount) en toepasselijkheid van verdragen bij vorderingen door en tegen derden tot de vervoerovereenkomst.

Docent: Prof. Mr. Frank Smeele
Datum: Vrijdag 21 februari 2020 van 14.00 tot 17.15 uur

In deze module staat de periode van aansprakelijkheid van de vervoerder voor de hem ten vervoer toevertrouwde goederen centraal. De afgrenzing van het tijdvak is van groot belang voor de bewijslastverdeling en protestverplichting bij ladingschade en voor de werkingssfeer van het dwingende vervoerrecht. Onderwerpen die in dit verband aan de orde komen zijn: – inontvangstneming van de goederen door de vervoerder, – de aflevering onder vervoerovereenkomsten in het algemeen en in geval van uitgifte van een cognossement, – de gevolgen van verkeerde aflevering en onmogelijkheid van aflevering en – de werking van diverse contractuele bedingen zoals de “before and after” clausule, het FIOS-beding en bedingen omtrent aflevering.

Docent: Prof. Mr. Frank Smeele
Datum: Vrijdag 13 maart 2020 van 09.30 tot 12.45 uur en van 14.00 tot 17.15 uur

In deze modules staat de regeling van de vervoerdersaansprakelijkheid voor ladingschade centraal. Op basis van een vergelijking van de regeling in het CMR met die onder de Hague-Visby Rules komen onder meer de volgende onderwerpen aan de orde:  – de resultaatsverbintenis van de vervoerder, – de mate van zorg en de zorgplicht(en) die op de vervoerder rusten, – zijn verantwoordelijkheid voor hulppersonen en voor het vervoermiddel waarvan hij gebruik maakt, – de verweermiddelen van de vervoerder, – bewijsvermoedens en bewijslastverdeling en – de verhouding tussen de zorgplichten en de verweermiddelen van de vervoerder.

Docent: Dr. Wouter Verheyen
Datum: Vrijdag 17 april 2020 van 09.30 tot 12.45 uur en van 14.00 tot 17.15 uur

In deze modules worden behandeld de rechtsmiddelen bij wanprestatie van de vervoerder. Schadevergoeding is daarbij de belangrijkste remedie in het vervoerrecht en de diverse beperkingen op de schadevergoeding komen ruimschoots aan bod. Daarbij wordt ingegaan op de vraag naar de vergoedbare schade onder de verschillende regimes, met elk eigen regels rond de in aanmerking te nemen waarde en de vergoedbare schade­soorten. Belangrijke vraag daarbij vormt de vergoedbaarheid van gevolgschade en met betrekking tot het vervoer gemaakte kosten.

Staat de omvang van de schade eenmaal vast, dan volgen de beperkingen op de schadevergoeding, één van de hoofdkenmerken van het vervoerrecht waarbij in module 9 uitgebreid wordt stilgestaan. Vanwege het ingrijpende effect van de beperking, heeft de mogelijkheid tot doorbreking van de limieten in de rechtspraak een zeer groot belang. Het tweede deel van deze module focust dan ook op de mogelijkheid tot doorbreking onder de verschillende verdragen en in de verschillende verdragsstaten. Tot slot wordt stilgestaan bij de dekking voor ladingschade onder de transportgoederen- en de ver-voerdersaansprakelijkheidsverzekering.

Docent: Dr. Michiel Spanjaart
Datum: Vrijdag 15 mei 2020 van 09.30 tot 12.45 uur

Deze module ziet op de (praktische) afwikkeling van ladingschades bij vervoersovereenkomsten in het algemeen en bij vervoer onder cognossement. Welke partij heeft het recht om de vervoerder op de schade aan de spreken, is dat de afzender, de geadresseerde, allebei, of wellicht (ook) de eigenaar van de goederen en maakt het dan nog uit of de aanlegger de schade in eigen vermogen heeft geleden en op welke grondslag de vordering wordt ingesteld? En wie is vorderingsgerechtigd in geval van uitgifte van een cognossement? In deze module wordt verder nog stil gestaan bij (stuiting en/of verlenging van) termijnen van verjaring en verval.

Docent: Dr. Michiel Spanjaart
Datum: Vrijdag 15 mei 2020 van 14.00 tot 17.15 uur

Deze module gaat verder met het vraagstuk van de passieve legitimatie oftewel tegen wie kan de vordering worden ingesteld? De posities van de contractuele vervoerder, de ondervervoerder, de feitelijke vervoerder, de opvolgende vervoerder en de vervoerder(s) onder het cognossement komen aan bod. Voorts wordt ingegaan op de positie van hun hulppersonen en de (derden)werking van algemene voorwaarden en Himalaya clausules. In deze module komen ook het afdwingen van zekerheid voor de ladingschadevordering, de verhaalbaarheid daarvan op het schip en het Rotterdam garantieformulier aan de orde.

Docent: Dr. Michiel Spanjaart
Datum: Vrijdag 19 juni 2020 van 09.30 tot 12.45 uur

De meeste (unimodale) overeenkomsten van vervoer worden gereguleerd door dwingende vervoerrechtverdragen (zie modules 3/4/5/6), maar er is geen verdrag in werking dat ziet op multimodaal vervoer. Bij multimodaal vervoer gaat het dan ook eigenlijk altijd om de vraag: welke regels beheersen de overeenkomst van vervoer zelf, en welke regels beheersen de afzonderlijke deeltrajecten? Kun je op deze deeltrajecten eenvoudigweg de corresponderende (unimodale) verdragen toepassen of worden deze juist beheerst door het recht dat van toepassing is op de gehele overeenkomst van vervoer? In deze module wordt ook uitvoerig stil gestaan bij de netwerk systemen van Boek 8 en de Rotterdam Rules, bij niet-lokaliseerbare schade en bij de diverse vervoerdocumenten.

Docent: Dr. Frank Stevens
Datum: Vrijdag 19 juni 2020 van 14.00 tot 17.15 uur

In deze module komt de aansprakelijkheid van ladingbelanghebbenden, dus de afzender en eventueel de ontvanger, aan de orde. Hierbij gaat het allereerst om de aan het vervoer verbonden kosten (vracht, eventuele kosten onderweg, overliggeld en container-demurrage) en de vraag wie daarvoor kan worden aangesproken. Voorts wordt ingegaan op de aansprakelijkheid van de afzender voor door de lading toegebrachte schade in het algemeen en in het geval van gevaarlijke stoffen in het bijzonder. Ook wordt ingegaan op de betekenis van bedingen in de vrachtbrief of het cognossement omtrent vracht en de zogenaamde “merchant”-clausule. Afgesloten wordt met een bespreking van het wette-lijk en contractueel retentierecht van de vervoerder.

Docent: Prof. Mr. Frank Smeele
Datum: Vrijdag 4 september 2020 van 09.30 tot 12.45 uur

In deze module wordt dieper ingegaan op de diverse rollen en de rechtspositie van de expediteur in enge en ruime zin. Hierbij zal de regeling van de verantwoordelijkheden en aansprakelijkheid van de expediteur in Boek 8 BW en onder de Fenex-voorwaarden worden vergeleken met die van de Duitse Spediteur en de Franse Commissionaire de Transport onder de Duitse en Franse wettelijke regeling en algemene voorwaarden.

Docent: Prof. Mr. Maarten Claringbould
Datum: Vrijdag 4 september 2020 van 14.00 tot 17.15 uur

Zonder vervoer staat alles stil maar zonder hulppersonen in het vervoer vindt er geen vervoer plaats! De hulppersonen in het vervoer zijn de expediteur, de physical distributor (p.d.-er), de douaneagent, de cargadoor, de stuwadoor en de bewaarnemer. En tegenwoordig spreken we ook over Supply Chain Management en ketenregisseurs. De aansprakelijkheid van al die hulppersonen is niet dwingendrechtelijk geregeld. Zij moeten het hebben van hun branchevoorwaarden zoals Expeditievoor-waarden 2018, LSV, Cargadoorscondities, VRTO-voorwaarden en Veemcondities. Allemaal met verschillende limieten en de grote vraag blijft: kunnen die limieten doorbroken worden? Maar het begint met de toepasselijkheid van die algemene voorwaarden. Hoe verklaar je de AV van toepassing? Kan dat ook “krachtens gewoonte? Of door middel van een terreinbord? En lukt het nog met de derdenwerking van de stuwadoorscondities?” Deze vragen en meer komen in deze module “Logistieke dienstverlening” aan de orde.

Docenten: Dr. Ingrid Koning/ Dr. Wouter Verheyen
Datum: Vrijdag 2 oktober 2020 van 09.30 tot 12.45 uur

Aansprakelijkheid in het personenvervoer heeft een andere dynamiek dan het goederenvervoer en kent fundamenteel andere uitgangpunten. In deze module wordt de aansprakelijkheid van de vervoerder in het zee, spoor en luchtvervoer behandeld. Er wordt ingegaan op een aantal belangrijke thema’s in het personenvervoer zoals de vraag voor welke soorten schade de vervoerder aansprakelijk is en gedurende welke periode hij aansprakelijk is, in welke gevallen de vervoerder bevrijd is van aansprakelijkheid, de limitering en de doorbreking daarvan.

Docenten: Dr. Ingrid Koning/ Dr. Wouter Verheyen
Datum: Vrijdag 2 oktober 2020 van 14.00 tot 17.15 uur

De Europese Unie heeft voor nagenoeg iedere denkbare modaliteit verordeningen opgesteld die de rechten van passagiers beschermen. In deze module passeren deze verordeningen de revue. Omdat voor de meeste modaliteiten geldt dat deze ook geregeld zijn in internationale verdragen, zal ook aandacht worden besteed aan de verhouding tussen de internationale, Europese (en nationale) rechtsla-gen. Hoewel de module ingaat op alle Europese passagiersverordeningen, zal het zwaartepunt liggen bij Verordening 261/2004 (vluchtvertraging, annulering en instapweigering) en de belangrijkste thema’s die daar aan de orde zijn.

Docent: Dr. Frank Stevens
Datum: Vrijdag 6 november 2020 van 09.30 tot 12.45 uur

In deze module wordt stilgestaan bij de terbeschikkingstelling (bevrachting) van vervoersmiddelen (schepen, vliegtuigen, vrachtwagens en spoor­materieel). Ingegaan wordt op de aard en de belangrijkste vormen van de bevrachtingsovereenkomst (romp-, tijd-, reisbevrachting en hybride tussenvormen). Ook de wijze van totstandkoming van bevrachtingsovereenkomst en de rol daarbij van tussenpersonen (makelaars) komt aan de orde. Tot slot worden de verdeling van verantwoordelijkheden, kosten en risico’s onder de diverse bevrachtingsvormen op hoofdlijnen besproken.

Docent: Mr. Willem Sprenger
Datum: Vrijdag 4 december 2020 van 09.30 tot 12.45 uur en van 14.00 tot 17.15 uur

In deze modules wordt achtereenvolgens stil gestaan bij de rechtelijke bevoegdheid (module 19), de erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen en het toepasselijk recht (module 20) bij geschillen op het terrein van het vervoerrecht en de scheepvaart. Uitgangspunt hierbij vormen de Europese verordeningen (Brussel-I bis, Rome I en Rome II), internationale verdragen (Lugano, Haags forumkeuzeverdrag 2005, Verdrag van New York 1958, CMR, Verdrag van Montreal, Cotif-CIM, -CIV, CLC, Bunkers, Beslagverdrag, Londens Beperkingsverdrag 1996 en CLNI) en in aanvulling daarop het commune Nederlandse recht (Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en Boek 10 BW). Hierbij gaat bijzondere aandacht uit naar de verhouding tussen Europese regelingen en eenvormige vervoerrechtverdragen en naar de geldigheid en werking van forumkeuzes en arbitrale bedingen en rechtskeuzes.

Docent: Prof. Mr. Frank Smeele
Datum: Vrijdag 12 februari 2021 van 09.30 tot12.45 uur

In deze module staat de aanvaring als grondslag voor aansprakelijkheid centraal. Aan de orde komen onder meer het begrip aanvaring in enge en ruime zin, de schuld van het schip, medeschuld aan aanvaring, de aansprakelijke persoon uit aanvaring, de bewijslastverdeling, samenloop en verjaring. Uitgangspunt vormen hierbij de Aanvaringsverdragen van Brussel 1910 en Genève 1960 (binnenschepen), aangevuld door het toepasselijke nationale recht, waarbij het Nederlandse recht ook wordt vergeleken met dat van de ons omringende landen.

Docent:  Prof. Mr. Frank Smeele
Datum: Vrijdag 12 maart 2021 van 09.30 tot 12.45 uur

In deze module staan privaatrechtelijke aspecten van milieuaansprakelijkheid in het vervoerrecht centraal. Aandacht zal worden besteed aan de eenvormige verdragsregelingen die voor olieverontreiniging (CLC 1992 en Bunkers 2001) en voor gevaarlijke stoffen (HNS en Boek 8 BW) een strikte aansprakelijkheidsregeling kennen. Aan de orde komen onder meer de reikwijdte van de regelingen, het schadebegrip, de kanalisatie van aansprakelijkheid op de scheepseigenaar, de beperking van aansprakelijkheid, de verplichte verzekering en de directe actie.

Docent: Mr. Eveline Sillevis Smitt
Datum: Vrijdag 12 maart 2021 van 14.00 tot 17.15 uur

In deze module komen de bestuursrechtelijke aspecten van milieuaansprakelijkheid in het vervoerrecht aan de orde. Hierbij zal worden ingegaan op diverse Europese regelingen (EU Richtlijn 2018/851 (Afvalstoffen), EU Richtlijn 2004/35 (Milieuaansprakelijkheid), EG Verordeningen 1013/2006 (overbrenging afvalstoffen) en 1257/2013 (Ship Recycling) en op de verhouding tussen deze Europese regelingen en internationale vervoerrechtelijke verdragen.

Docent: Dr. Frank Stevens
Datum: Vrijdag 16 april 2021 van 09.30 tot 12.45 uur

In deze module staat de hulpverlening aan schepen centraal. Op basis van het Londens Hulpverleningsverdrag 1989 en Boek 8 BW wordt behandeld wanneer er aanspraak bestaat op hulploon of een bijzondere vergoeding en wie gerechtigd zijn of tot betaling gehouden zijn. Aan de orde komt voorts de betekenis van Lloyd’s Open Form en de Scopic Clausule.

Docent: Dr. Jolien Kruit
Datum: Vrijdag 16 april 2021 van 14.00 tot 17.15 uur

De omslag van bepaalde opofferingen en kosten in avarij-grosse vindt nog altijd met regelmaat plaats. De praktijk is betrekkelijk uniform, maar het recht(skarakter) niet. In deze module komen beide aspecten, praktijk en theorie, aan de orde. Centraal staan: de York Antwerp Rules (verschillende versies), de AG-zekerheid (GA Bond en Guarantee), het toepasselijk recht, de dispache en de rol van de dispacheur.

Docent: Prof. Mr. Frank Smeele
Datum: Vrijdag 21 mei 2021 van 09.30 tot 12.45 uur

In deze module wordt op basis van toepasselijke verdragen en Nederlands recht behandeld hoe na de invoering het Wrakopruimingsverdrag van Nairobi 2007 vanuit Nederlands perspectief de opruiming van wrakken van zowel zee- als binnenschepen geregeld is. Hierbij komen onder meer aan de orde de werkingssfeer van de regelingen, de begrippen “wrak” en “gevaarlijk wrak”, de opruimingsplicht van de scheepseigenaar, de verplichte verzekering, de directe actie en de mogelijkheid van beperking van aansprakelijkheid.

Docenten: Prof. Mr. Frank Smeele / Dr. Frank Stevens
Datum: Vrijdag 18 juni 2021 van 09.30 tot 12.45 uur en van 14.00 tot 17.15 uur

In deze modules komen zowel de materieelrechtelijke als de procesrechtelijke aspecten van de globale beperking van aansprakelijkheid uitgebreid aan bod. Hierbij wordt stilgestaan bij de werkingssfeer van het Londens Beperkingsverdrag 1996, het CLNI-verdrag van 2012 en de regelingen in Boek 8 BW. Voorts komen de aard en rechtsgevolgen van beperking, de kring van beperkingsgerechtigden, de voor beperking vatbare vorderingen, regresvorderingen, de rechterlijke bevoegdheid, forum shop-ping, de beperkingsprocedure, alsmede de vorming en werking van het fonds aan de orde.

Docent: Mr. Petra de Bruin
Datum: Vrijdag 12 februari 2021 van 14.00 tot17.15 uur

In deze module wordt aandacht besteed aan het conservatoir beslag op zeeschepen voor zeerechtelijke vorderingen. Daarbij passeren de juridische aspecten van (de beoordeling van) dergelijke verzoeken, de vorderingen waarvoor beslagverlof kan worden verzocht en de verschillende (soorten) beslagobjecten de revue. Ook wordt aandacht besteed aan de praktijk van het verzoeken en verlenen van beslagverlof en aan de praktijk van het leggen van beslag. In het verlengde van de verlofverlening komen vervolgens het opheffings-kortgeding en het toetsingskader daarvan aan de orde. Aspecten als het stellen van zekerheid en aansprakelijkheid voor onrechtmatig beslag zijn onderwerpen die in dat verband besproken zullen worden. Ten slotte worden ook andere vervoersrechtelijke rekesten, zoals die van de artikelen 8:494 en 8:495 BW, besproken.

Docent: Dr. Frank Stevens
Datum: Vrijdag 15 januari 2021 van 09.30 tot 12.45 uur

In deze module wordt aandacht besteed aan tijdbevrachtingsovereenkomsten (time charter parties). Hoe en wanneer moet de eigenaar zijn schip ter beschikking stellen van de bevrachter, en hoe en wanneer moet deze laatste het schip weer terugbezorgen? Welke opdrachten kan de bevrachter rechtsgeldig geven? Wat zijn de verplichtingen inzake de betaling van huur (hire) en wanneer gaat het schip off-hire?

Docent: Dr. Frank Stevens
Datum: Vrijdag 15 januari 2021 van 14.00 tot 17.15 uur

In deze module wordt aandacht besteed aan reisbevrachtingsovereenkomsten (voyage charter parties). Voor welke ladingen en welke reizen kan een schip bevracht worden? Hoe wordt de ligtijd berekend, en wat zijn de regels inzake lig- en overliggelden? Wie moet zorg dragen voor het laden, stuwen en lossen, en wat in geval van ladingschade?

Docent: Dr. F. Stevens
Datum: Vrijdag 6 november 2020 van 14.00 tot 17.15 uur

In deze module wordt aandacht besteed aan enkele specifieke contracten voor het vervoer van bijzondere of projectlading (zoals Heavycon en Heavyliftvoy), en aan de contracten en algemene voorwaarden die in de sleep- en duwvaart gebruikelijk zijn. Ook wordt aandacht besteed aan de interne en externe verhoudingen bij sleep- en duwvaart. Wat is de rechtspositie van het samenstel t.o.v. derden, en wat zijn de onderlinge rechten en plichten van de bestanddelen van het samenstel?

Docent: Mr. Gérard Moussault
Datum: Vrijdag 21 mei 2021 van 14.00 tot 17.15 uur

In voorbereiding.

Docent: Mr. Adriaan Hagdorn/Dr. Viola Süto
Datum: Vrijdag 10 september 2021 van 14.00 tot 17.15 uur

In voorbereiding.

Docent: Mr. Adriaan Hagdorn/Dr. Viola Süto
Datum: Vrijdag 10 september 2021 van 14.00 tot 17.15 uur

In voorbereiding.

Docent: Dr. Gerdien van der Voet
Datum: Vrijdag 8 oktober 2021 van 09.00 tot 12.45

In deze modules wordt stil gestaan bij Maritiem arbeidsrecht. In module 36 bespreken we de Internationale context van de zeevarende langs de huidige richtlijnen en wetgeving zoals de MLC, 2006 – IPR - Afd. 7.10.12 BW en afd. 7.10.12a BW – Wet op het minimumloon (WML) – Wet arbeid vreemdelingen (en RTK, RTO en RAZ-regeling) en in het bijzonder bij hoofdstuk 6 van het Arbeidstijdenbesluit Vervoer. In module 37 komen de andere vervoerssectoren aan de orde.

Docent:                                              Dr. Gerdien van der Voet
Datum:                                Vrijdag 8 oktober 2021 van 14.00 tot 17.15 uur

In het vervoer staan de arbeidsrechtelijke verhoudingen op scherp. De globalisering, prijselasticiteit, de concurrentie dwingen vervoerders de grenzen van het arbeidsrecht op te zoeken. Gerdien bespreekt grensoverschrijdend wegvervoer (detacheringsrichtlijn i.c.m. mobility package), internationale binnenscheepvaart (Wet op het minimumloon, Wet arbeid vreemdelingen en Arbeidstijdenbesluit Vervoer) en luchtvervoer (IPR en staking) in deze module.

*Deze module is enkel toegankelijk wanneer de voorgaande module is gedaan

Bij elke module wordt gebruik gemaakt van een casus die op voorhand via Canvas aan de deelnemers ter beschikking wordt gesteld. Desgewenst kunnen deelnemers voorafgaand aan de module hun beantwoording van de casus (hierna: het huiswerk) via de website uploaden en inleveren bij de docent(en). De docenten kijken het ingeleverde huiswerk na aan de hand van een modelantwoord en kennen er een cijfer aan toe. De casus wordt tijdens de module besproken en het modelantwoord wordt op de website geplaatst.

Duur en kosten

Het volgen van de gehele opleiding duurt anderhalf jaar. Een module is een dagdeel van effectief drie uur en bij het behalen van een certificaat kan men rekenen op circa 3 uur thuis studie per module. Een module kost EUR 425. Bij afname van een complete leergang (Expert in Vervoerrecht of Verdieping Zee-en Binnenvaartrecht) of bij 20 modules of meer, ontvangt u 20% korting!

Inschrijving

Wilt u een Expert in Vervoerrecht worden? Schrijf u dan nu in via dit formulier. Hierbij kunt u aangeven of u alle Basismodules wenst te volgen, en/of de Specialisaties als pakket of losse modules. Nadat u zich heeft ingeschreven neemt Executive Education B.V. spoedig contact met u op met een voorstel en een studieovereenkomst.

Docenten

De hoofddocenten van de Leergang Vervoerrecht zijn werkzaam op de toonaangevende universiteiten op dit vakgebied en beschikken over ruime ervaring in de rechtspraktijk. Zelf adviseren zij ook de overheid, publiceren zij op regelmatige basis over uiteenlopende onderwerpen rondom internationale handel en vervoer en spreken zij op verschillende seminars en conferenties. Prof. Dr. Frank Smeele, Dr. Frank Stevens, Prof. Wouter Verheyen en Dr. Michiel Spanjaart worden bijgestaan door diverse andere .

Hoofddocenten

DSC1517Frank Smeele-min

Prof. Mr. Frank Smeele

Hoofddocent ESL

Prof. mr. Frank Smeele (1966) studeerde Nederlands recht en Europese Studies aan de Universiteit van Amsterdam. Na afronding van zijn studie (1991) en militaire dienst werd hij in 1992 aangesteld als Aio aan de Erasmus Universiteit. In 1998 promoveerde hij op zijn proefschrift “Passieve Legitimatie onder cognossement”. Van 1998 tot 2007 was hij als advocaat verbonden aan Van Traa Advocaten. Sinds 2005 is hij als hoogleraar verbonden aan Erasmus School of Law, eerst als bijzonder hoogleraar Internationaal zeerecht en vanaf 2007 als gewoon hoogleraar Commercial law. Frank Smeele geeft leiding aan het Rotterdam Institute for Shipping & Transport Law (RISTL) en is Raadsheer-plaatsvervanger bij het Gerechtshof in Den Haag.

Dr. Frank Stevens

Hoofddocent ESL

Dr. Frank Stevens (°1968) studeerde rechten aan de Katholieke Universiteit Leuven, waar hij afstudeerde in 1991. Hij behaalde vervolgens een LL.M. in Admiralty aan Tulane Law School (1992) en een Bijzondere Licentie Maritieme Wetenschappen aan de Universiteit Antwerpen (1993). In 2017 is hij gepromoveerd aan de Universiteit Gent op een proefschrift over 'The Bill of Lading: Holder rights and liabilities'. Sinds 1993 is hij advocaat aan de Antwerpse Balie, met een praktijk toegespitst op het maritieme en transportrecht. Sinds 2016 is hij voltijds docent aan de ESL. Frank Stevens is de auteur van handboeken over 'Vervoer onder cognossement' en 'Beperking van aansprakelijkheid', hoofdredacteur van het Belgische Tijdschrift voor Internationale Handel en Transport (IHT) en redacteur van het Tijdschrift Vervoer en Recht (TVR). Hij is lid van de Belgische Vereniging voor Zeerecht (BVZ), waarvan hij voorzitter is geweest van 2015 tot 2019, en lid van het IVR.

Prof. Dr. Wouter Verheyen

Hoofddocent ESL

Dr. Wouter Verheyen obtained his PhD in 2013 in Leuven and became assistant professor at ESL in the same year. At this university Wouter is currently associate professor. He lectures courses on commercial contracts and carriage of goods and is program director of the master commercial law and PhD coordinator of the Erasmus Graduate school of Law. In addition Wouter is guest professor at KULeuven and held visiting positions at University de Messina and Bayreuth University. Wouter mainly conducts research on (passengers) transport, logistics and e-commerce and was in the recent years awarded two research grants for (both operational and legal) research on platform logistics. Next to this, Wouter has specialized in gig economy and as of September Wouter will become Research professor at Antwerp University in the field of platform economy and e- commerce. Wouter has a great number of publications and conference presentations on the scope of application of transport conventions, the liability system, with a focus on land and air transportation and passenger transport in all different modes.

Foto Michiel Spanjaart

Dr. Michiel Spanjaart

Hoofddocent ESL

Michiel Spanjaart (1971) studeerde Nederlands recht in Utrecht. Direct na zijn studie is hij begonnen bij Kernkamp Advocaten, en hij vervolgens altijd advocaat in Rotterdam gebleven, onder andere bij DLA, Kneppelhout & Korthals en inmiddels Trains & Co. Michiel is in 2012 gepromoveerd op zijn proefschrift ‘vorderingsrechten uit cognossement’ en in 2017 verscheen zijn boek ‘Multimodal Transport Law’. Michiel doceert met regelmaat aan de Erasmus Universiteit (Charter parties & bills of lading, Carriage of goods, Maritime Law) en eens in de twee jaar geeft hij een elective course Multimodal Transport Law aan de National University of Singapore. Michiel is redactielid van Schip & Schade en Raadsheer- plaatsvervanger bij het Gerechtshof in Amsterdam.

Overige docenten

MCL (HR)

Em. Prof. Mr. Maarten Claringbould

Prof. mr. Maarten Claringbould (1949) is of counsel bij Van Traa Advocaten. Maarten studeerde in 1973 af aan de Universiteit van Utrecht. Na een reis van twee jaar door India, Zuidoost-Azië en Japan begon hij in 1975 als advocaat bij een maritiem kantoor in Rotterdam. In 1978 stapte hij over naar Nauta Dutilh waar hij zich met name bezig hield met het kennismanagement. In 2001 maakte hij de overstap naar Van Traa Advocaten en was hij tot 2017 hoofd van het interne Bureau Kennis en Opleiding.
In 1995 werd Maarten benoemd als (deeltijd) hoogleraar Zeerecht aan de Universiteit van Leiden. In december 2017 hield hij zijn afscheidsrede.
Maarten is bestuurslid van de Nederlandse Vereniging voor Zee- en Vervoerrecht en hij was hoofddocent voor de postacademische Grotius-opleiding Vervoerrecht. Maarten geeft regelmatig cursussen op het gebied van het zee- en vervoerrecht en hij publiceert regelmatig op dat gebied.

CV Prof. Mr. K.F. Haak
Krijn Haak was universitair (hoofd)docent aan de RU Utrecht, waar hij in 1984 promoveerde op de aansprakelijkheid van de vervoerder onder de CMR. Vervolgens werd hij in 1986 rechter bij de rechtbank Rotterdam en in 1991 tot aan zijn emeritaat in 2012 hoogleraar handelsrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Hij was tevens raadsheer plv bij de gerechtshoven Den Haag en Arnhem alsmede n de Kamer van Beroep van de CCR te Straatsburg. Haak publiceerde over internationaal vervoer en algemeen handelsrecht en was tot voor kort annotator van de Nederlandse Jurisprudentie. Bij zijn afscheid van de EUR  had Haak 10 promovendi, waaronder de opvolger op zijn leerstoel.

Mr. dr. Ingrid Koning
Mr. dr. Ingrid Koning promoveerde in 2007 op haar proefschrift  'Aansprakelijkheid in het Luchtvervoer. Goederenvervoer onder de verdragen van Warschau en Montreal'. Vanaf 2007 was zij als Universitair Docent verbonden aan de Universiteit Utrecht, waar zij onderwijs gaf in het Vervoerrecht, het Handelsrecht en het Insolventierecht. Sinds 2019 is zij als Universitair Hoofddocent verbonden aan Nyenrode Business Universiteit, waar zij het juridisch onderwijs binnen het Centrum voor Entrepeneurship, Governance & Stewardship aanstuurt. In haar onderzoek richt zij zich op juridische thema's en vraagstukken op het gebied van transport en logistiek in het algemeen en het luchtrecht in het bijzonder. Ingrid koning  is tevens werkzaam als rechter-plaatsvervanger in de rechtbank Rotterdam.

Eveline Sillevis Smitt

Mr. Eveline Sillevis Smitt

Eveline Sillevis Smitt is advocaat-partner bij AKD in Rotterdam en is gespecialiseerd op het gebied van het omgevingsrecht, waaronder het afvalstoffenrecht. Daarbij adviseert en procedeert zij ook regelmatig over zaken die schepen betreffen, zoals over kwesties aangaande “sloopschepen” en scheepsrecycling en verplichtingen die voortvloeien uit de betrokken Europese verordeningen. Eveline studeerde aan de RUL en heeft in Brugge met succes de postdoctorale opleiding “Europees recht” doorlopen. De specialisatie opleiding “Grotius Omgevingsrecht” heeft zij cum laude afgerond. Naast haar praktijk is Eveline vaste docent bij omgevingsrechtelijke opleidingen en bij cliënt seminars.

Mr. W.P. Sprenger
Willem Sprenger (1953) studeerde Nederlands recht aan de Universiteit Utrecht. Van 1978 tot 2001 werkte hij advocaat bij NautaDutilh. Sinds 2001 is Willem Sprenger rechter, sedert 2007 in de maritieme kamer van de rechtbank Rotterdam. Hij is tevens raadsheer-plaatsvervanger in het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en (sinds 2017) lid van de kamer van beroep van de Centrale Rijnvaartcommissie in Straatsburg.

Mr. Petra de Bruin
Mr. Petra de Bruin (1967) studeerde belastingrecht aan de Universiteit van Amsterdam en deed een vrij doctoraal Nederlands recht aan de Rijksuniversiteit Leiden. Van 1989 tot 1995 was zij werkzaam op het Ministerie van Financiën waarna zij tot 1998 raio in de rechtbank Den Haag was. Na haar benoeming tot rechter werkte zij achtereenvolgens in Den Haag, Aruba en als kantonrechter in Leiden. Sinds 2008 is zij (o.a.) voorzieningenrechter in Rotterdam, vanaf 2013 combineert zij dat met diverse docentschappen op het terrein van het kort geding en het beslag- en executierecht. In 2019 verscheen haar boek Procederen in kort geding in vijf stappen.

Dr. Jolien Kruit

Dr. Jolien Kruit (1982) studeerde Nederlands recht (masters civiel en bedrijfsrecht) aan de Universiteit van Leiden (2004). Na afronding van haar studie volgde zij de Master Maritime Law in Southampton Maritime Law (2005). Sinds 2005 is Jolien Kruit werkzaam als advocaat bij Van Traa Advocaten in Rotterdam. In 2017 is zij gepromoveerd aan de Erasmus Universiteit Rotterdam op haar proefschrift 'General Average, Legal Basis and Applicable Law'.

 

Mr. Gerard Moussalt
Gérard Moussault studeerde Nederlands Recht met internationale afstudeerrichting aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Alvorens zich aan te sluiten bij HabrakenRutten is Gérard als partner verbonden geweest aan Trenité van Doorne, Greenberg Traurig en Bird & Bird, waar hij leiding gaf aan de Banking & Finance praktijk in Nederland. Gérard is een zeer ervaren Banking & Finance advocaat. Hij heeft gedurende zijn lange loopbaan talrijke complexe zaken behandeld waaronder financiering van grootschalige projecten in energie en infrastructuur alsmede financieringen in de maritieme sector en in de luchtvaart.

 

Mr. dr. Viola Suto
Mr. dr. Viola Suto studeerde Nederlands recht (richtingen Civielrecht en Rechtsfilosofie) aan de Rijksuniversiteit Groningen. Na afronding van haar studie (1993) werd zij docent en onderzoeker aan de Universiteit van Maastricht (tot 1998). Aansluitend werkte zij als senior jurist bij het Ministerie van (toen) Verkeer & Waterstaat waar zij o.m. als juridisch projectleider de verzelfstandiging van NS begeleidde. Daarnaast werkte zij aan haar proefschrift Nieuw Vermogensrecht en rechtsvergelijking – reconstructie van een wetgevingsproces, waarop zij in 2004 in Leiden promoveerde. Vanaf 2004 werkt zij als advocaat. De eerste jaren bij het internationale advocatenkantoor Bird & Bird, sinds 2008 bij LegalRail, een volledig op het Spoorwegrecht gericht kantoor. Viola Suto is gastonderzoeker bij de Universiteit Leiden en zij vervult diverse bestuursfuncties, zoals bij de Nederlandse Vereniging Vervoerrecht, en toezichthouderfuncties, waaronder bij OV Ombudsman

Mr.dr. G.W. van der Voet

Mr.dr. G.W. van der Voet (1975) studeerde Nederlands recht aan de ESL. Na afronding van haar studie (2000) promoveerde zij aan de Erasmus School of Law in 2005. Van 2004 tot en met 2017 was zij als universitair docent verbonden aan de sectie arbeidsrecht van de Erasmus School of Law. Van 1 juli 2017 tot 1 juli 2019 was zij vervolgens bijzonder hoogleraar ‘Bijzondere arbeidsverhoudingen – de zeevarende’. Daarnaast werkt zij al sinds 2017 als advocaat bij AKD.

Inschrijving

Vervoerrecht

Ik wil mij aanmelden voor specifieke module(s):

Locatie

Het onderwijs in alle modules van de Leergang Vervoerrecht zal plaats vinden in het VNAB Kennis- en Ontmoetingscentrum aan de Boompjes 251, 3011 XZ te Rotterdam

Adres

Burgemeester Oudlaan 50, L 5.10 (Sanders gebouw), Postbus 1738, 3000 DR, Rotterdam

Bel ons

Secretariaat Executive Education: 06 417 36 740 (overdag & avond)

Volg ons

Contact ons


of mail naar: executivemasters@law.eur.nl

Contactaanvraag

Uw contactaanvraag is met succes verzonden, wij nemen zo spoedig mogelijk contact met u op.

Inschrijving

Vervoerrecht

Ander adres: